In de nasleep van het overlijden van mijn vader merk ik hoeveel verschil er is in hoe mensen op je reageren. In grote lijnen valt het onder te verdelen in twee kampen. Je hebt kamp “Ik heb het zelf meegemaakt” en je hebt kamp “Ik heb nog geen wezenlijk verlies gekend”.
De vrienden en bekenden die zelf een ouder moeten missen, begrijpen welke impact dat heeft en geven me alle ruimte. Sturen berichtjes en kaarten met lieve woorden, en ze laten het aan mij wanneer ik wil praten en wanneer niet. Maar duidelijk is dat wat hen betreft alles goed is en ze er voor me zijn als nodig. Ze weten dat rouw komt en gaat en dat daar niet één draaiboek voor is. Ook weten ze hoe belangrijk het is om daar de tijd en ruimte voor te nemen.
Het voelt als een zegen en als een warm bad. Onvoorwaardelijke steun en begrip. Zij weten dat het nu even niet zoveel over hen gaat en dat ik tijdelijk ongegeneerd met mezelf bezig ben.
Dan heb je de lieve mensen die het zelf nog niet hebben meegemaakt. Die willen het liefst als vanouds over hun eigen leven vertellen, hun problemen in veel detail delen. Dat jouw hoofd daar nu niet zo naar staat, daarvan hebben ze geen idee.
Dat valt hen niet aan te rekenen, dat werkt nou allemaal zo. Het werkt zelfs op alle vlakken in het leven zo: zolang je iets niet zelf hebt gekend of meegemaakt, heb je geen flauw benul. Dan kun je nog beschikken over zoveel empathie en bakken met liefde, dat maakt niet uit. Je weet gewoon niet waar die ander zit. En dan wandel je er al snel aan voorbij dat ook weken en maanden na het overlijden van de dierbare, diegene nog altijd niet helemaal als vanouds meespeelt in het leven. Al lijkt dat aan de buitenkant misschien wel zo te zijn.
Dan ga je dingen verwachten van de rouwende, misschien wel eisen stellen, ben je narrig omdat ze er niet voor je is zoals ze dat altijd was.
Ik schrijf dit niet om te oordelen. Who am I to judge? Terugkijkend vrees ik dat ik bij de lieve mensen om mij heen die in het verleden een ouder verloren, vast en zeker ook heel onhandige dingen heb gezegd, of juist heb nagelaten er echt voor hen te zijn. Om nog eens een berichtje of kaart te sturen, alle ruimte te laten, om ook maanden na dato er nog eens naar te vragen en gelegenheid te bieden om erover te vertellen als ze dat wilden. Niet gedaan. Ik had geen idee.
Dan krijg ik nu via WhatsApp een bericht van een vriendin, die zich klaarblijkelijk achtergesteld voelt omdat er al een tijdje geen aandacht voor haar is. Zonder er ook maar een woord met mij over gewisseld te hebben, concludeert ze dat ik een slechte vriendin ben en deelt mij kil mee de vriendschap te beëindigen. Daar zat ik nou echt op te wachten.
Ik blijf licht flabbergasted achter. What the hell? Hoe verzin je het. Maar tegelijkertijd weet ik dat iemand aan de andere kant geen benul heeft. En dat als je ook maar enigszins last hebt van onzekerheid, eigenwaarde-issues of een gevoeligheid voor afwijzing, je het uit contact zijn van je rouwende vriendin zomaar negatief naar jezelf kunt uitleggen, want bezien door die bril, door dat filter is er immers geen andere uitleg mogelijk?
Alleen, die andere uitleg is er wel.
Je vriendin is gewoon aan het verwerken. Het legobord is leeggeveegd en de poppetjes nemen opnieuw positie in. Da’s een tocht, een best wel allenige weg, die niemand anders voor je kan maken. Het heeft impact en is levensveranderend. In a good way, durf ik nu al te zeggen. Maar het maakt dat er even wat minder ruimte voor de ander is. Komt wel weer.
Mensen die het hebben meegemaakt snappen dat uit zichzelf. Aan diegenen die het – goddank voor hen – nog niet kennen, en zich mogelijk wat verdrietig of geïrriteerd afvragen waar hun vriend of vriendin toch is gebleven, hier is je antwoord.
In plaats van je afvragen waarom ze er niet voor jou zijn, vraag jezelf wat je voor hen kunt betekenen. Kom je iets halen of kom je iets brengen? Wat zou liefde doen?
>> Herken je hier iets in of roept het iets in je op? Fijn als je het met me wilt delen, hieronder of privé.
